Colombia: terug naar de donkerste tijden van een gewelddadig conflict

In Colombia wordt een bloedbad aangericht. Alleen in de maand augustus al vonden 10 massamoorden plaats. Vooral jongeren zijn het slachtoffer.

Op 11 augustus werden in de buurt van de stad Cali 5 kinderen gefolterd en voor dood achtergelaten in een kloof. Ze waren 14 en 15 jaar oud. Op 15 augustus worden 8 jongeren vermoord tijdens een feestje in Samaniego, in de provincie Nariño. Enkele dagen later volgt een nieuw bloedbad in hetzelfde gebied en worden 6 jongeren vermoord, 2 anderen zijn vermist. Familie en vrienden van de vermoorde jongeren kregen doodsbedreigingen: als ze het grondgebied niet verlaten, zullen zij de volgende slachtoffers zijn.

Daarbovenop broken op 9 en 10 september rellen uit in de hoofdstad Bogotá en andere steden nadat beelden circuleerden op sociale media over hoe de 43-jarige advocaat Javier Ordóñez op 9 september op straat door de politie werd vermoord tijdens een aanhouding. Er vielen 10 doden, waarvan 7 jongeren. Honderden raakten gewond. De burgemeester van Bogotá haalde zwaar uit naar het politiegeweld.

Waarom neemt het geweld in Colombia nog steeds toe, ook al is er sinds 2016 op papier sprake van een vredesakkoord?

Controle over grond en grondstoffen

De vredesonderhandelingen tussen de regering van toenmalig Colombiaans president Santos en de rebellenbeweging FARC-EP, opgestart in 2012, werden succesvol afgerond in 2016. Zo kwam er op papier een einde aan het gewapend conflict dat Colombia meer dan een halve eeuw in zijn greep hield. Het conflict liet een zwaar gehavend Colombia achter: er vielen meer dan 260.000 dodelijke slachtoffers, bijna 8 miljoen mensen sloegen op de vlucht.

In essentie ging het conflict over de strijd om de controle over grond en natuurlijke bronnen. 0,4% van de landeigenaars bezit 61,2% van de landbouwgrond. Twee keer de oppervlakte van België werd door grootgrondbezitters en multinationals verworven door systematische en criminele onteigening van kleine boeren. Die gronden werden gebruikt voor oliewinning, mijnbouw, de productie van biobrandstof en veeteelt. De sociale ongelijkheid is torenhoog, 70% van de bevolking leeft in armoede. Het belangrijkste onderdeel van het vredesakkoord gaat dan ook daarover: een uitgebreide rurale landhervorming. Maar het is één van de onderdelen die dode letter bleven. Het Landfonds dat werd opgericht, heeft weinig tot niets verdeeld.

Vandaag is de controle over grond en wat erin zit nog steeds de belangrijkste reden voor geweld. Kleine boeren, hun vertegenwoordigers in vakbonden en bewegingen, inheemse en afro-Colombiaanse gemeenschappen, proberen de gronden die hen werden afgepakt voor grootschalige monocultuur en ontginningsprojecten van Westerse multinationals terug op te eisen.

Spiraal van geweld houdt aan

Op papier hebben activisten en bevolking het vredesakkoord aan kun kant. Maar paramilitaire groeperingen, drughandelaars en beveiligingsfirma’s van multinationals profiteren van het machtsvacuüm dat ontstond na de ondertekening van het vredesakkoord en de ontwapening van de FARC (rebellen). Ze intimideren activisten en iedereen die opkomt voor de naleving van het vredesakkoord. Als dat niet lukt, moorden ze hen uit. 75% van de bloedbaden deze zomer vond plaats in de gebieden waar het vredesakkoord niet is toegepast.

“Ondanks de beschermingsmaatregelen die de overheid heeft beloofd voor de betrokken partijen in het Akkoord, zijn er al 210 oud-strijders van de FARC vermoord sinds de ondertekening van het vredesakkoord (2016)”. Zo stelt een recent rapport van de VN dat door de Speciale vertegenwoordiger en hoofd van de VN-verificatiemissie in Colombia, Carlos Ruiz Massieu, op dinsdag 14 juli aan de Veiligheidsraad is voorgelegd. “Het geweld tegen de oud-strijders, verdedigers van mensenrechten en inheemse volkeren, blijft de grootste bedreiging voor de vrede in Colombia”, staat er zwart op wit te lezen. Maar verdere acties heeft de internationale gemeenschap nog niet ondernomen.

Voormalige president Uribe gearresteerd

Begin augustus werd voormalig Colombiaans president Alvaro Uribe gearresteerd. Het is ongezien in het land dat een ex-president zo wordt aangepakt terwijl het onderzoek nog loopt. Het is in die zin dan ook een overwinning tegen het corrupte staatsapparaat van Colombia. Uribe is onder huisarrest geplaatst op verdenking van fraude en manipulatie van getuigenissen tegen een politiek opposant (Ivan Cepeda). Het Colombiaans establishment is absoluut niet tevreden met de arrestatie.

Ook huidig President Duque verdedigt zijn partijgenoot Uribe. Een hele lastercampagne is gestart om het Hooggerechtshof in diskrediet te brengen. Magistraten, juristen en journalisten die kritiek uiten op de regering worden bedreigd.

Er circuleert al langer een lijst van de inlichtingendienst met daarop mensenrechtenadvocaten die slachtoffers verdedigen van buitenrechtelijke executies en andere misdaden begaan door het militaire apparaat. Zij moeten koste wat het kost monddood gemaakt worden. Het lijkt erop dat de arrestatie van ex-president en senator Uribe de terreurcampagne die reeds bezig was in een stroomversnelling heeft gebracht.

Huidig president Duque reageert eerder koel op de moorden, die hij wegzet als “collectieve moorden” in een spiraal van drugsgeweld, zonder enige link met het politieke toneel. Maar de sociale bewegingen in Colombia weten beter: afslachtingen gaan hand in hand met een aanval op het juridisch systeem, om een klimaat van angst, terreur en totale straffeloosheid te zaaien. Waarom zijn jongeren en zelfs kinderen het mikpunt? ‘Omdat een nieuwe generatie van verzet’ in de kiem moet gesmoord worden, is hun antwoord. Het doet terugdenken aan de donkerste jaren van het gewelddadige conflict. Maar dan zonder enige media aandacht, want voor de internationale gemeenschap is er “vrede” in Colombia.

Colombia: terug naar de donkerste tijden van een gewelddadig conflict
Schuiven naar boven