Mensenrechten in de Filippijnen
Sinds het begin van de kolonisatie hebben de bewoners van de archipel zich verzet tegen uitbuiting en onderdrukking. Buitenlandse overheersers en lokale elites probeerden dat verzet sindsdien de kop in te drukken. Gelukkig kent het land ook een levendige beweging die opkomt voor de mensenrechten.

Voor vragen en opmerkingen in verband met dit dossier kan je terecht bij Wim De Ceukelaire.

Geïnteresseerd in dit onderwerp? Ga dan eens een kijkje nemen in de volgende intal-groepen: intal BXL Philippines

Geschiedenis

Van Marcos tot Aquino

De mensenrechtensituatie in de Filippijnen draagt de bezorgdheid weg van internationale mensenrechtenorganisaties sinds president Ferdinand Marcos in 1972 de krijgswet afkondigt. Hij probeert zo zijn eigen macht te bestendigen en de groeiende volksstrijd in de kiem te smoren. Hij schrapt veel grondwettelijke rechten en laat duizenden mensen arresteren. Veel activisten worden gefolterd of ‘verdwijnen’.

In 1986 moet Marcos plaats ruimen en wordt de formele democratie hersteld. Cory Aquino, de weduwe van een van de vele slachtoffers van Marcos, komt aan de macht. Velen koesteren hoop. In een eerste fase lijkt er ook een en ander te veranderen: Aquino laat politiek gevangenen vrij, start vredesbesprekingen met het ondergrondse Nationaal Democratisch Front (NDF) en richt een mensenrechtencommissie op.

Groot is de ontnuchtering als diezelfde overheid in januari 1987 een boerenbetoging uit elkaar schiet. Dertien boeren komen om. Het is meteen duidelijk dat echte vrede en gerechtigheid nog ver te zoeken zijn.

Wanneer het NDF beslist de vredesonderhandelingen stop te zetten, gaat de regering over tot de ‘totale oorlog’ tegen het volksverzet. Massale bombardementen zaaien dood en terreur, duizenden mensen slaan op de vlucht. Het bewind van Aquino (1986-1992) laat meer politieke verdwijningen optekenen dan de hele dictatuur onder Marcos (1972-1986).

In 1992 volgt president Fidel V. Ramos Aquino op. Onder zijn presidentschap trekt de Filippijnse economie volop buitenlandse investeringen aan. De ‘ontwikkelingsprojecten’ worden met harde hand doorgedrukt, meestal met de hulp van het leger. De Filippijnse mensenrechtenorganisaties hebben het over 'ontwikkelingsagressie'.

De opvolger van Ramos is president Joseph Estrada, die in 1998 verkozen wordt. Hij gaat de geschiedenis in als de president die de corruptie volledig laat ontsporen. Hij stelt zich ook op als een uitgesproken macho tegen elke dissidentie en legt het leger geen strobreed in de weg. Uiteindelijk wordt, wegens het toenemend volksprotest, een afzettingsprocedure ingezet tegen de president. Als die in januari 2001 op niets lijkt uit te draaien, stroomt het volk opnieuw de straat op. Na enkele dagen van massaal straatprotest kiest het leger de kant van de vice-presidente, Gloria Macapagal-Arroyo. Estrada krijgt huisarrest en Arroyo wordt de nieuwe presidente.

Toen Arroyo in 2001 aan de macht kwam, had ze dat dus voor een groot deel te danken aan de Filippijnse legertop. Toch had ze ook af te rekenen met oppositie en muiterij in het leger. De controverse rond haar verkiezingsoverwinning in 2004 zwengelde de instabiliteit enkel aan. Vandaar dat de generaals een buitengewone invloed kregen in haar regering. In 2006 kondigde ze zelfs tijdelijk de noodtoestand af, zogezegd om een poging tot staatsgreep te verijdelen.

De macht en willekeur van het leger was ook elders merkbaar. Sinds 2001 werd het land getroffen door een toenemend aantal politieke moorden, waardoor de vergelijking met de Marcos-dictatuur weer actueel werd. Hoewel er onenigheid is over het exacte aantal, is het duidelijk dat het om honderden moorden gaat. Nadat de politieke moorden in 2006 een hoogtepunt bereikt hadden en de internationale veroordeling begon door te klinken, nam het aantal politieke moorden af. Toch blijven nog steeds slachtoffers vallen en nam het aantal verdwijningen zelfs toe.

In juni 2010 trad Benigno Aquino, zoon van Cory Aquino, als nieuwe president aan. De druk van Filippijnse en internationale mensenrechtenorganisaties op de nieuwe president is groot. Ze willen dat hij werk maakt van gerechtigheid en de daders van de honderden onopgeloste moorden en verdwijningen laat vervolgen en berechten.

Ondanks de schreeuw naar gerechtigheid en bescherming tegen nieuwe gruweldaden is er voorlopig weinig verandering merkbaar onder Aquino. Integendeel, de politieke moorden gaan nog steeds door.

 


Het citaat

We love your adherence to democratic principles and to democratic processes.


519px-George_H._W._Bush_President_of_the_United_States_1989_official_portrait.jpg


Het cijfer
3200

De Amerikaanse historicus Alfred McCoy schatte dat 3200 mensen slachtoffer werden van politieke moorden onder de dictatuur van Ferdinand Marcos.


Kaart

Woordenlijst

People Power: Sinds 1986 gebruikt men de naam "People Power" voor de massale straatprotesten die erin slaagden om op vreedzame manier de president te verdrijven. Dat gebeurde met Marcos in 1986 en, in People Power II, met Estrada in 2001. Telkens ging dit achter de schermen gepaard met een verschuiving van de loyauteit van het leger en de Verenigde Staten.


Repressie

Politieke moorden, verdwijningen en arrestaties

Onder het bestuur van Gloria Macapagal-Arroyo (2001-2010) registreerde de Filippijnse mensenrechtenorganisatie Karapatan meer dan 1100 politieke moorden, meer dan 200 gedwongen verdwijningen en aan het einde van haar ambtstermijn zo’n 300 politiek gevangenen. De hoogste piek van buitengerechtelijke executies werd genoteerd in 2006. Na internationale veroordeling en druk van internationale mensenrechtenorganisaties, solidariteitsbewegingen en een rapport van Philip Alston, Speciaal Rapporteur voor buitengerechtelijke executies bij de VN, nam het aantal politieke moorden weliswaar af, maar er vallen nog steeds slachtoffers.

Volgens onderzoeken door internationale mensenrechtenorganisaties is er een patroon herkenbaar in de moorden: het politiek profiel van de slachtoffers; de manier waarop de moorden worden uitgevoerd; het gebrek aan vervolging van de daders; en vermoedens van betrokkenheid van het leger of andere veiligheidsdiensten.

De moorden worden uitgevoerd in een ware commandostijl, dikwijls op klaarlichte dag en op publieke plaatsen. Vaak maken de daders gebruik van een motorfiets. Op enkele uitzonderingen na blijven alle moorden tot vandaag onopgelost. In bepaalde gevallen staken de daders hun connecties met de militairen niet onder stoelen of banken en dikwijls deden de moorden zich voor in bepaalde delen van het land waar een militaire campagne gevoerd werd tegen de gewapende oppositie.

De slachtoffers zijn meestal leden en sympathisanten van progressieve partijen en volksorganisaties zoals Bayan Muna, Anakpawis, BAYAN, enz. Het gaat ook om syndicalisten, mensenrechtenwerkers, journalisten, priesters, advocaten,...  Meestal werden ze voor de moord al gebrandmerkt als 'communisten' of 'staatsvijanden' en ontvingen ze doodsbedreigingen.

Behalve buitengerechtelijke executies verdwenen de afgelopen 10 jaar meer dan 200 mensen zonder enig spoor. In sommige gevallen zijn er getuigen die de link met het leger leggen. Zo levert de getuigenis van Raymond Manalo het bewijs voor de betrokkenheid van de militairen bij de verdwijningen. Hij is een van de weinigen die na een ontvoering uit een militair kamp kon ontsnappen. Zijn verhaal doet tevens vermoeden dat er weinig hoop is om een 'verdwijning' te overleven.

Verder werden onder het bestuur van Arroyo ook honderden omwille van politieke redenen gearresteerd en gevangengezet. Ook in deze arrestaties is een patroon merkbaar van valse beschuldigingen en vervalst bewijsmateriaal. In vele getuigenissen is sprake van foltering die tot een bekentenis van valse feiten moet leiden. De aanklacht luidt vaak 'rebellie' of 'illegaal bezit van explosieven' omdat dit het voor de verdediging onmogelijk maakt de gevangenen op borgtocht te laten vrijkomen. Bekende gevallen zijn die van de 'Tagaytay 5' en de 'Morong 43'.

De meeste internationale rapporten over de buitengerechtelijke executies besluiten dat de moorden passen in het 'anti-terreurbeleid' en de strategie waarmee de Filippijnse overheid de guerrilla bevecht. De regering werpt daarbij het net wel zeer breed en bestempelde legale organisaties als staatsvijanden die moesten 'geneutraliseerd' worden. Militaire officieren redeneerden dat iedereen die blijk geeft van sympathie voor de guerrilla, ook een legitiem militair doelwit vormt. De beruchte Majoor Palparan kwam er bijvoorbeeld openlijk voor uit “dat hij ongetwijfeld mensen had geïnspireerd om mensen te vermoorden die van communistische sympathieën verdacht werden.” Palparan werd later door Arroyo tot generaal bevorderd.

Het 'anti-terreurbeleid', dat aanleiding gaf tot de talloze politieke moorden en gedwongen verdwijningen, wordt door president Aquino voortgezet.

 


Het citaat

The armed forces have followed a deliberate strategy of systematically hunting down the leaders of leftist organizations.


alston.jpg


Het cijfer
1206

Het aantal politieke moorden dat de mensenrechtenorganisatie Karapatan telde tussen 21 januari 2001 en 30 juni 2010.


Video


Woordenlijst

Extrajudicial killings: 'buitengerechtelijke executies': de technische benaming voor een moord om politieke redenen.


Gezondheidswerk bedreigd

Basisgezondheidswerkers in het vizier

De gezondheidstoestand in de Filippijnen is schrijnend en symptoom van een diepgeworteld probleem. Toenemende armoede, een almaar krimpend gezondheidsbudget en corruptie zijn slechts enkele van de kwalen. Hoewel de meeste ziektes er makkelijk te voorkomen zijn, investeert de Filippijnse overheid weinig in preventie en is gezondheidszorg voor de meeste Filippino’s onbetaalbaar.

Volksorganisaties nemen daarom hun gezondheid zelf in handen. Al sinds de jaren 70 kwam er in de Filippijnen een beweging op gang van gezondheidswerkers die naar het platteland en de volkswijken in de steden trokken om er met lokale volksorganisaties samen te werken. Uit die beweging groeide de Council for Health and Development (CHD), een nationale koepel van basisgezondheidsprogramma’s die mensen in lokale gemeenschappen opleidt tot basisgezondheidswerkers of 'Community Health Workers'. Al duizenden boeren, vissers en arbeiders volgden een opleiding. Op vrijwillige basis nemen ze de gezondheid van hun gemeenschap in handen en brengen ze het recht op gezondheid dichter bij de bevolking.

De lokale gezondheidswerkers doen echter meer dan basiszorg verlenen. Samen met de mensen in hun gemeenschap analyseren ze de oorzaken van hun problemen en plaatsen ze de lokale gezondheidssituatie in een bredere sociale, economische en politieke context. De impact van de economische crisis, campagnes voor goedkope geneesmiddelen en toegankelijke gezondheidszorg, acties voor landhervorming en tegen huisafbraak door de regering... het is alles onlosmakelijk verbonden in hun strijd om het recht op gezondheid op te eisen.

De manier waarop lokale gezondheidswerkers hun gemeenschap organiseren is echter een doorn in het oog van de heersende politieke elite. Hun belangen stroken niet noodzakelijk met het recht op gezondheid van de bevolking, denken we maar aan de strijd van de landloze boeren voor de uitvoering van het landhervormingsprogramma dat ingaat tegen de belangen van de grootgrondbezitters die vaak ook politieke macht hebben.

Dat is ook de reden waarom basisgezondheidswerkers, gewone mannen en vrouwen, boeren, vissers, arbeiders enz. geviseerd worden. Ook de opgeleide gezondheidswerkers, verpleegkundigen en dokters, worden bedreigd tijdens hun werk.

'The Morong 43': gezondheidswerkers achter tralies

Op 6 februari werden 43 gezondheidswerkers onwettelijk gearresteerd. Na 10 maand van onwettige gevangenschap werden 38 onder hen vrijgelaten in december 2010. De 43 staan intussen bekend als de “Morong 43” naar de plaats waar ze gearresteerd werden. Allen waren lesgevers of deelnemers aan een opleiding voor vrijwillige gezondheidswerkers. Onder hen bevinden zich twee artsen, waaronder dr. Merry Mia-Clamor van de Council for Health and Development, een partnerorganisatie van intal die opkomt voor het recht op gezondheid van de Filipino’s. Bij de gearresteerden waren ook twee vroedvrouwen, een verpleegkundige en 38 vrijwillige gezondheidswerkers van verschillende gemeenschappen en organisaties.

De autoriteiten beweren dat de 43 gezondheidswerkers op heterdaad betrapt werden terwijl ze een opleiding volgden in het maken van bommen en dat het om leden gaat van het ondergrondse New People’s Army (NPA). Volgens het team dat de raid uitvoerde werden wapens en explosieven gevonden in de plaats waar de 43 verbleven. De huiszoeking werd echter uitgevoerd in de afwezigheid van Dr. Velmonte en zonder onafhankelijke getuigen. Er zijn verschillende getuigenissen over foltering en slechte behandeling van de gevangenen. Bovendien bevielen twee van de gevangen vrouwen in gevangenschap.

De arrestatie en onheuse behandeling van de 43 gezondheidswerkers vormt een openlijke aanfluiting van de mensenrechten en de rechtstaat. Het incident vormt een bedreiging voor lokale initiatieven die mensen aanmoedigen om hun lot in handen te nemen en gezondheidsdiensten te organiseren waar de publieke sector tekortschiet. In een land waar vele gezondheidswerkers emigreren of kiezen voor een carrière in de commerciële gezondheidszorg, betekent deze arrestatie een intimidatie van de weinige Filippijnse gezondheidswerkers die ervoor kiezen om hun kennis en vaardigheden ten dienste te stellen van de armsten. Uiteindelijk zal dit incident een weerslag hebben op de gezondheidszorg in het land en de lokale bevolking het recht op gezondheid nog meer ontzeggen.

De zaak van de Morong 43 zorgde al voor heel wat internationaal protest. Ook intal voerde actie sinds dag één van de arrestatie.


Het citaat

The killings are being attributed to me, but I did not kill them. I just inspired the triggermen. We are not admitting responsibility here, what I’m saying is that these are necessary incidents.


jovito-palparan.jpg


Het cijfer
43

Op 6 februari 2010 werden 43 gezondheidswerkers onrechtmatig gearresteerd en opgesloten. Na 10 maand van onwettige gevangenschap werden 38 onder hen vrijgelaten.


Video

Woordenlijst

Straffeloosheid

Klimaat van straffeloosheid

Er zijn al tientallen rapporten geschreven door internationale organisaties en experts over de politieke moorden in het land en allen wijzen ze erop dat de Filippijnse overheid niet vrijuit gaat. Bijna niemand twijfelt aan de medeplichtigheid van de militairen. De enige twijfel bestaat erin of de regering de moorden en verdwijningen achter de schermen actief organiseert, of ze gewoon gedoogt.

In elk geval heerst er al jaren een klimaat van straffeloosheid waarbij zo goed als geen enkele van deze moorden wordt opgelost. In uitspraken van hoge militairen, regeringsleden en de presidente zelf, worden de slachtoffers van de moorden verdacht gemaakt en de misdaden tegen hen vergoelijkt. Lokale potentaten, krijgsheren, legerofficieren of paramilitaire avonturiers voelen zich onaantastbaar als ze geweld willen gebruiken tegen opposanten van de heersende elite.

Dat werd nog maar eens bewezen met de gruwelijke slachtpartij in Mindanao, op het einde van Arroyo's bestuur in november 2009, die de wereld met afschuw vervulde. 57 mensen, onder wie vele journalisten en advocaten, werden in koelen bloede vermoord door privémilities van een familieclan die goede relaties met Arroyo had na het 'steunen' van haar herverkiezing in 2004.

De meer dan 1000 andere individuele slachtoffers krijgen minder internationale aandacht, maar het leed bij de families is groot. Ze hebben niet alleen een van hun dierbaren verloren, maar zien ook geen gerechtigheid en leven zelf in angst. Hoewel de wet bescherming moet bieden aan familieleden die een klacht neerleggen, is de angst bij velen te groot dat zij het volgende slachtoffer worden. Zelfs als een procedure wordt ingesteld, blijven de meeste zaken tot op de dag van vandaag onopgelost. De familieleden wiens dierbaren verdwenen zijn, leven nog steeds in onzekerheid.
 


Het citaat

I wouldn’t de-emphasize the extent of the problem of impunity which sends a continuing signal to the military that they can do what they want


alston.jpg


Het cijfer
11

Van de 1509 klachten over mensenrechtenschendingen die werden ingediend bij de Filippijnse mensenrechtencommissie tussen 1987 en 1990 resulteerden slechts 11 zaken in het bestraffen van de daders.


Video


Woordenlijst

Vechten voor rechten

Beweging voor mensenrechten

Tijdens de dictatuur van Marcos was de Kerk het enige instituut dat nog enige bescherming kon bieden tegen de repressie. Progressieve religieuzen kozen de kant van de volksstrijd en richtten mensenrechtenorganisaties op. Mensenrechtenactivisten bezochten politieke gevangenen en eisten hun vrijlating. Dat was niet zonder risico, zij werden zélf vaak het doelwit van overheidsrepressie.

Na het einde van de dictatuur in 1986 konden de Filippijnse mensenrechtenorganisaties en -activisten zich openlijker manifesteren. Een aantal activisten die nog tegen de dictatuur gestreden hebben, engageerden zich in mensenrechtenorganisaties die door de overheid gecontroleerd werden, of stonden een kritische samenwerking met de overheid voor. Buitenlandse mensenrechtenorganisaties kwamen over de brug met financiële middelen, op voorwaarde dat ze zich politiek ‘neutraal’ opstelden. Sommigen lieten zich verleiden door het lobbywerk bij de overheid en de Verenigde Naties, met mooi ogende en blinkende rapporten, maar zonder veel voeling met de basis.

Vele lokale mensenrechtenorganisaties en -afdelingen, die dagelijks te maken hadden met bedreigingen en mensenrechtenschendingen van leger en politie, gingen niet akkoord met deze evolutie. Zij verdedigden een mensenrechtenactivisme op maat en op tempo van de volksorganisaties. Een aanpak die niet ‘neutraal’ is, maar een duidelijke keuze inhoudt voor het volk en haar strijd: die van de boeren voor land, van de arbeiders voor werk en een beter loon,... Zij zien dat de schendingen van de mensenrechten terug te brengen zijn tot het dwarsbomen van die strijd.

Deze activisten en organisaties verenigden zich in Karapatan, momenteel de belangrijkste koepel van mensenrechtenorganisaties in het land. De mensenrechtenorganisaties onder Karapatan zien de mensenrechten als een geheel: de sociale, economische, culturele, politieke en burgerlijke rechten zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Karapatan focust, net als de traditionele mensenrechtenorganisaties, vooral op schendingen van de burgerlijke en politieke rechten. Maar ze is er zich van bewust dat die schendingen vooral gebeuren tegen mensen en groepen die opkomen voor hun sociale en economische rechten.

Waaruit bestaat het mensenrechtenwerk van Karapatan?

  • Campagnes tegen de militarisering, voor de vrijlating van de politieke gevangenen en voor gerechtigheid voor slachtoffers van politieke moorden. Studenten, kerkmensen en andere sectoren uit de maatschappij dragen die campagnes, met discussiefora en acties in scholen, kerken,…
  • Dienstverlening aan de slachtoffers van mensenrechtenschendingen. Hiertoe wordt een groep vrijwilligers gevormd die zowel individuen als gemeenschappen die het slachtoffer zijn van mensenrechtenschendingen, ondersteunen. Met financiële, materiële of morele hulp. Of met rechtshulp, door advocaten die hun diensten gratis of voor een laag honorarium aanbieden.
  • Documentatie en onderzoek. Mensenrechtenschendingen worden zo goed en zo snel mogelijk gedocumenteerd. Die informatie wordt gebruikt om het mensenrechtenbeleid van de overheid te analyseren, tendensen te ontdekken, rapporten en artikels te schrijven, de internationale mensenrechtenorganisaties in te lichten, de pers te informeren, de campagnes te stofferen.
  • Vormingswerk. Dit maakt deel uit van het preventiewerk. Wie zijn rechten kent, is beter voorbereid op repressie en weet ook beter wat gedaan, als de repressie groeit. Het is een belangrijk vormingsthema binnen de volksorganisaties.

Het citaat

Until the government addresses the issue of landlessness and the needs of the majority of poor Filipino families, ends impunity, and puts the people’s interest first, violence and human rights violations will continue in a never-ending cycle.


marie_hilao-enriquez.jpg


Het cijfer
1995

Het jaar waarin Karapatan werd opgericht.


Video


Woordenlijst

Karapatan: Betekent "recht" in het Pilipino, de nationale taal van de Filippijnen.


Wat doet intal?

Wat doet intal?

In België voeren we met de intal-beweging actie tegen de repressie in de Filippijnen. Een repressie die ook onze partnerorganisaties treft. Hun enige ‘misdaad’ is dat ze de bevolking organiseren om voor hun basisrechten op te komen.

Sensibiliseren

Samen met lokale intal-groepen worden regelmatig debatten, conferenties, filmvoorstellingen en vormingen georganiseerd over de problematiek in de Filippijnen. We ontvangen ook regelmatig gasten uit de Filippijnen die getuigen over de repressie in hun land. Vaak gaat het om familieleden van slachtoffers van politieke moorden en verdwijningen. Met hun verhaal willen ze de bevolking hier sensibiliseren voor een problematiek waaraan weinig of geen aandacht besteed wordt in onze media.

Vrijwel jaarlijks organiseert intal ook een solidariteitsreis van drie weken naar de Filippijnen. Daar maken intal-leden kennis met het dagelijks leven van de Filipino’s in gemeenschappen op het platteland en in de sloppenwijken van Manilla. Ze maken er kennis met de volksbeweging in verschillende sectoren (stadsarmen, arbeiders, boeren, vrouwen, studenten,...).

Actie en politieke druk

In België willen we ook onze politici aanzetten om druk uit te oefenen op de Filippijnse regering om een einde te maken aan de politieke moorden en verdwijningen en gerechtigheid te brengen voor de talloze slachtoffers en hun familie. Concreet begeleiden we onder meer Filippijnse gasten tijdens hun bezoeken aan Belgische en Europese politici en voeren we petities en straatacties. In 2009 was Edita Burgos te gast die getuigde over de verdwijning van haar zoon Jonas Burgos. In 2010 kwamen Concepcion Empeno en Raymond Manalo, en een delegatie van Filippijnse mensenrechtenactivisten die de zaak van de ‘Morong 43’ voor de VN-mensenrechtenraad bracht.

Stop the Killings: Belgisch platform tegen repressie in de Filippijnen

Stop The Killings is een mensenrechtencampagne van vakbonden en niet-gouvernementele organisaties, waar ook intal actief deel van uitmaakt. Door informatieverspreiding en actie vragen we aandacht voor de repressie van gelijkaardige organisaties in het Zuiden, met focus op de Filippijnen, Colombia en Guatemala. Elementaire mensenrechten blijven er vaak dode letter en overheden beletten op actieve of passieve manier de ontwikkeling van een maatschappelijk middenveld.

Stop The Killings eist dat lokale overheden hun verantwoordelijkheid opnemen en krachtdadig optreden tegen politiek geweld op sociale bewegingen. De moorden en verdwijningen die zich alsnog voordoen moeten grondig, effectief en onpartijdig worden onderzocht.

Stop The Killings wil van onderuit stimuleren dat de internationale mensenrechtenverdragen ook in de praktijk worden uitgevoerd. Vanuit een sterk rechtvaardigheidsgevoel en vanuit het principe van internationale solidariteit tussen organisaties die samen een andere, betere wereld willen uitbouwen.
 


Het citaat

Het cijfer
1000

Het aantal deelnemers aan de eerste grote 'Stop The Killings' actie in 2006 voor de Filippijnse ambassade.


Video


Woordenlijst

Video
Foto's
Educatief materiaal
  • De Filippijnen, een volk op zoek naar bevrijding

    De Filippijnen, een volk op zoek naar bevrijding
    €2,00

    Sinds de kolonisatie is in de Filippijnen nog niet veel veranderd. Boeren hebben geen land, studenten geen geld om te studeren, gezondheidszorg is voor de meesten een onbetaalbare luxe, het hele land wordt nog altijd behandeld als een kolonie...

    Daarom organiseert de bevolking zich! Ze strijdt samen voor échte landhervorming, een beter loon, een gezondheidszorg die aan de noden beantwoordt...

    Lees meer over de moedige strijd van deze mensen! En over het solidariteitswerk van intal en FGB in België.

    intal-september 2007-40p

    €2,00