En de reis kwam ten einde...

Er zijn 2 weken gepasseerd sinds de laatse blog. Ondertussen ben ik alweer in het oude vertrouwde België, waar het toeven goed is, al slaat het weer soms tegen, waar ik alles versta wat de mensen zeggen (ook al begrijp ik ze niet altijd), waar ik de accenten en trema's op het toetsenbord weet staan, waar de mensen mij vertrouwd onverschillig voorbij lopen, buiten dan de bekende gezichten, waar ik mijn studentencenten 2 keer moet omdraaien voor een aankoop, waar vers fruitsap heel duur is maar ook vrij van risico, waar we nog altijd geen regering hebben maar tegelijk toch ook geen hele grote problemen...

Met moeite haal ik mij de laatste dagen in Syrië voor de geest. Sindsdien heb ik er een blitzbezoek aan Budapest en een roadtrip naar Bosnië opzitten. Niet ideaal om op een rustige manier alle indrukken te laten bezinken, maar hier gaat hij dan:
Vanuit Aleppo hebben we een trip gemaakt naar San Simeon; een verlaten pelgrimssite uit de Byzantijnse tijd. Van zo ver als Constantinopel kwamen de pelgrims toen om de zuil te bewonderen waarop de asceet Simeon zich boven het aardse leven had teruggetrokken. Eerst was hij het klooster in gegaan, maar omdat hij dat toch wat te zacht vond, trok hij zich terug in een grot. Omdat hij daar na verloop van tijd te veel werd lastig gevallen door nieuwsgierigen kroop hij dan maar op een paal, waardoor zijn faam nog groter werd, en hij een hogere paal nodig had. Uiteindelijk stond hij een hoogte van 16 meter, vanwaar hij aan enige discipelen lering verschafte, zonder ooit naar beneden te komen. De "paal van Simeon" ziet er vandaag meer uit als een ei, omdat pelgrims nu ook eenmaal graag een stoffelijke herinnering hebben aan hun geestelijke reis. Neemt niet weg dat de kerk die er rond is gebouwd nog steeds indrukwekkend is, en eigenlijk een van de mooiste sites in Syrië. Aan de voet van de heuvel waarop hij ligt kan je ook ronddwalen tussen de ruïnes van gastverblijven en kleinere kerken. Sommige daarvan hebben ook een nieuwe actuele bestemming, bijvoorbeeld als opslagplaats of koeienstal.

Een van de interessantse plekken in de oude stad van Aleppo vond ik een middeleeuws gesticht voor zenuwzieken. Het is gelegen in een mooi huis, met verschillende binnenplaatsjes waar telkens 8 tot 10 cellen liggen rond een fontein; een koer voor de gevaarlijke gevallen, een koer voor de ongevaarlijke en bijna herstelde patiënten en een vleugel voor de vrouwen. De therapie maakte gebruik van het geklater van het water, het dempen van het daglicht en veel muziek. Zo behandelde ze met succes zenuwzieken in de tijd dat je in Europa maar beter "normaal" bleef. Misschien is het vandaag eerder omgekeerd, maar eigenlijk kan ik daar niet veel over zeggen. In de betere wijken van de steden kan je al eens bordjes van een psychiatrische praktijk zien. Mongooltjes kom je gewoon tegen op straat, wat me doet denken dat ze minder worden afgeschermd. Ik denk dat er over het algemeen minder gespecialiseerde opvang bestaat, misschien ook minder nood? Maar dit is een vrij heikel punt, en eigenlijk heb ik geen gegevens om een uitspraak te doen. Ik denk dat factoren als geloof en sociale cohesie bijdragen tot een algemene geestelijke stabiliteit. En misschien laten de materiële omstandigheden van veel mensen ook niet toe dat ze zich verdiepen in (of ten prooi vallen aan) existentiële vraagstukken, hoewel ze tegelijkertijd ook een bron van onrust en zorgen kunnen zijn. De meeste mensen gaan immers niet voor hun plezier in het buitenland werken, en studeren met het uitzicht op werkloosheid is ook niet bepaald motiverend. Tot zover dit geheel subjectief excursum.

Na hitte van Aleppo zijn we naar het gematigde klimaat van de kust gevlucht. Mohammed verwachtte ons al in zijn hotel in Latakiyya, sinds jaar en dag een pied-à-terre voor de Leuvense studenten Arabistiek. Latakiyya is nog iets vrijer dan de rest de rest van Syrië, en er heerst een voorzichtige Middellandse Zee-sfeer. D.w.z. dat meisjes hun vormen minder verhullen, en er ook jonge gasten op vespa's rondrijden. Je vindt er ook café's die meer op de café's bij ons lijken en alle bekende merken hebben er ook kledingszaken. In dat opzicht lijkt het een beetje op Beirut, maar op kleinere schaal.
Aan zee moet je natuurlijk gaan zwemmen, dus dat hebben we ook gedaan. Muhammed trommelde een komisch vriendenduo op en bracht ons naar een mooi strandje tussen de rotsen, versierd met petflessen. Het water was zeer helder, en ideaal om te snorkelen. Na een korte verfrissende duik gingen we met een bont gezelschap de bergen in achter Latakiyya, naar het hill resort Slunfe. Omdat het al donker was toen we aankwamen zijn we de berg niet meer verder opgegaan, maar hebben gedaan zoals iedereen; rondhangen, op café gaan en mensen bekijken. Volgens Santiago (zijn echte naam ontsnapt mij even) was het een zeer populaire plaats voor "guys to pick up girls", en je ziet dan ook ongelooflijk veel jonge gasten netjes gekapt rondparaderen in een mooi hemd. Verdere onderzoek van waaruit het "picking up" dan wel bestond, gaf een wat vaag antwoord, maar blijkbaar ging het vooral over praten... Ik heb het zelf niet geprobeerd dus meer kan ik er niet over zeggen.
Mazhar, van het komisch duo, wist mij nog te vertellen dat de échte plaats om meisjes te ontmoeten niet Slunfeh was, maar een gelijkaardig bergstadje iets verder. Slunfeh wàs vroeger de plaats, maar nu waren er te veel gasten naar zijn goesting. Bovendien kon je op die andere plaats meisjes imponeren door vlotte omgang en intelligente gesprekken en niet alleen door een fancy hemdje, en dus had hadden de mensen daar meer standing. Dat kwam waarschijnlijk ook wel omdat er eigenlijk geen bussen naartoe reden en je dus ofwel een eigen wagen of een slaapplaats moest hebben om daar uit te gaan.

Masht al Hilw is nog zo'n hill station in de buurt van Tartous. Daar zijn we geweest met George, een vriend van Carl, toen we hem bij zijn thuis gingen opzoeken. Over Masht al Hilw zelf valt niet zoveel te zeggen. Het is nog zo'n opkomend vakantieoord, waar jaarlijks nieuwe gebouwen bijkomen, maar het huis van George lag iets daarbuiten, mooi in het groen. Daar heb ik de beste nachtrust in twee maanden genoten, door de stilte en de koelte die een ventilator overbodig maakte. George's moeder heeft ons ook vergast op een heerlijke thuisbereide maaltijd, mijn eerste in Syrië. Om een of andere reden ging iedereen altijd eten halen wanneer we ergens thuis waren uitgenodigd. Onderweg had ik stiekem gehoopt op een rijstschotel omdat mijn darmen na 1,5 maand zonder problemen dan toch plotseling in staat van ontreddering verkeerden. Ik dankte dus de Heer toen er een rasechte ma'louba op tafel kwam: een schotel met kip en rijst. In Palestina had ik het dat ook al gegeten, maar in Syrië heb ik het eigenlijk nergens in een restaurant gezien. Met deze maaltijd, nog enige restjes later en een weinig immodium was de draak snel bezworen.

Laatste site op de lijst was de Krak des Chevaliers, een machtige kruisvaardersburcht tussen Tartous en Homs, met een mooi verhaal: We schrijven het jaar onzes heren 1271. Sinds een maand belegert de mameluk Baibars vruchteloos de burcht. De belegerde kruisvaarders hebben genoeg voorraad om het nog lange tijd uit te houden en wachten op versterking van Tripoli om de belegeraars te verdrijven. Dan komt het bericht uit Tripoli dat er geen versterking meer zal komen en dat ze een veilige aftocht moeten onderhandelen...en zulks geschiedt. Uiteindelijk komen ze aan in Tripoli waar niets geweten is van een bevel tot terugtrekken, en blijkt dat Baibars de brief had vervalst. Knap.

Daarna restte mij nog 1 dag terug in Damascus om een aantal aankopen te doen, en afscheid te nemen van een paar nieuwe vrienden. Op de luchthaven heb ik nog een laatste Syrisch avontuur beleefd, en een half uur rondgelopen om 5 dollar vast te krijgen voor de taxfree. Die had ik nodig om appeltabak te kopen voor de waterpijp. Het was als het ware een soort test omdat ik een heleboel mensen in het Arabisch moest aanspreken, en alle dislogica moest overwinnen om mijn gegeerde tabak te kunnen krijgen. En het is gelukt...al-hamdu lillah.

ma'a salaamat

No votes yet