Welke toekomst voor het Syrische volk?

Source: Trocaire (CC)

Sinds enkele weken is de strijd om Aleppo, in Syrië, weer volledig losgebarsten. De beelden die ons bereiken zijn gruwelijk en hartverscheurend: gebombardeerde ziekenhuizen, kinderen die vanonder het puin worden gehaald en de algemene verwoesting van de stad herinneren er ons aan dat het Syrische volk al 5 jaar lijdt onder een vreselijke burgeroorlog, aangewakkerd door talloze andere landen.


Begin september leek er nog ruimte voor voorzichtig optimisme: er was een staakt-het-vuren afgesproken tussen de Russisch-Syrische alliantie en de westerse coalitie onder leiding van de VS. Ook al hielden verschillende rebellengroepen (waaronder Daesh en Al Nusra) zich hier niet aan, leek het toch een mogelijkheid te bieden aan de uitgeputte bevolking om even te kunnen herstellen van de voortdurende gevechten. Maar gaandeweg brokkelde dit staakt-het-vuren af, en de laatste weken hebben alle partijen opnieuw de wapens opgenomen, met als triest dieptepunt de intense strijd tussen rebellengroepen en het Syrisch leger in Aleppo.

Het opblazen van het staakt-het-vuren is deels op het conto van de westerse alliantie te schrijven: op 17 september bombardeerden Amerikaanse gevechtsvliegtuigen posities van het Syrische leger in Deir Al-Zour, ondanks de wapenstilstand die er toen van kracht was. Sindsdien gaat het van kwaad naar erger: de strijdende partijen trekken zich niets meer aan van de bevolking, die het grootste slachtoffer is van deze meedogenloze oorlog en zich tussen hamer en aambeeld bevindt.

De herhaaldelijke oproepen tot het militair vernietigen van het Assad-regime doen ons denken aan de oproepen tot het afzetten van het Kadhafi-regime in Libië in 2011. Ook hier was er relatieve eensgezindheid tussen politici  (en) media: het omverwerpen van Kadhafi zou leiden tot een beter Libië. Vijf jaar na de interventie zijn er 3 concurrerende ‘regeringen’, tientallen stammen die elkaar bestrijden en wordt het land opnieuw gebombardeerd door Amerikaanse gevechtsvliegtuigen, in een poging om de lokale afdeling van IS een halt toe te roepen. Is dit het soort ‘vrede’ waarvoor gepleit moet worden? Of willen we een gelijkaardig dramatisch scenario vermijden?

Er is geen nood aan meer oorlog in Syrië, maar aan meer vrede. De recente oproepen voor militaire interventies dreigen juist het tegenovergestelde effect te bereiken. De ontmanteling van de Syrische staat zal helemaal niet leiden tot een vredige samenleving, maar tot een strijd tussen verschillende groeperingen, die zal uitdraaien in een verdere fragmentering van het land. Een strijd waarbij de groeperingen die het sterkst, het gewelddadigst en het meest gesteund worden door buitenlandse machten onder elkaar zullen blijven vechten om de controle over Syrië. Een strijd die de vrede voor het murw geslagen Syrische volk in de weg staat. Een strijd die verhindert dat de talloze Syrische vluchtelingen kunnen terugkeren naar hun thuisland en familie. Een strijd die onschuldige slachtoffers blijft maken.

Daarom is er nood aan een echt staakt-het-vuren tussen alle strijdende groeperingen, opdat burgers opnieuw de ademruimte krijgen. Het is tijd voor een vredesproces waarbij niet enkel alle strijdende partijen worden betrokken, maar ook sociale bewegingen die ondanks het niet aflatende geweld de wapens niét hebben opgepakt: vakbonden, sectorale organisaties en wat er nog rest van het Syrische middenveld. Een vredesproces voor Syriërs, door Syriërs, voor de belangen van het Syrische volk, en niet de belangen van de buitenlandse mogendheden die zich sinds 5 jaar in het conflict mengen. Enkel zo kan er een duurzame vrede gesmeed worden in Syrië.

De bombardementen van de westerse coalitie, waaronder België, slagen er, ondanks 55.000 gedropte bommen, niet in om IS een halt toe te roepen. Integendeel, ze maken burgerslachtoffers, dragen bij tot de vernietiging van levensnoodzakelijke infrastructuur in het land en voeden de cirkel van geweld en haat.

Daarom eisen we dat:

1) België stopt met de bombardementen op Syrië, die in strijd zijn met het internationaal recht.
2) België stopt met wapenleveringen aan landen die actief de oorlog in Syrië steunen. Landen als Qatar en Saudi-Arabië hebben rechtstreekse banden met rebellengroepen en gebruiken die banden om hen militair materieel te bezorgen.
3) België zich inspant om de kwalitatieve opvang van vluchtelingen te garanderen in heel Europa, ongeacht het conflict dat ze ontvluchten.
4) België een actieve rol opneemt in het opstarten en faciliteren van een vredesproces, waarin het Syrische volk centraal staat, en enkel de belangen van het Syrische volk worden nagestreefd.