Vredesbesprekingen en volksstrijd in de Filipijnen

in het verleden tot heden

Heel wat progressieven stellen zich vragen bij het presidentschap van Duterte, niet in het minst over zijn respect voor mensenrechten. Tegelijkertijd werd gedurende het laatste jaar een grote vooruitgang geboekt in het vredesproces en dit na jaren van stilstand. Om deze vooruitgang en om de perspectieven van het vredesproces voor de volksbeweging beter te begrijpen, is het belangrijk de geschiedenis ervan te kennen.


Het gewapend conflict: oorzaken

Sinds 1969 vindt in de Filipijnen een gewapend conflict plaats tussen de Filipijnse regering en de Communist Party of the Philippines (CPP) en haar gewapende vleugel het NPA. [1] In 1969 schreef Amado Guerrero de "Philippine Society and Revolution" (Filipijnse maatschappij en revolutie), waar hij het semikoloniaal en semifeodaal karakter van de Filipijnse maatschappij beschreef en de algemene politieke lijn uitwerkte van  de nationaal-democratische revolutie tegen het VS-imperialisme, het feodalisme en het bureaucratisch kapitalisme. 

Na de First Quarter Storm, een volksopstand geleid door studenten, jongeren en arbeiders begin 1970, en als gevolg van een steeds dieper wordende politieke en economische crisis, riep president Marcos in 1972 de staat van beleg uit. De volksbeweging moest onderduiken en velen sloten zich aan bij het NPA, intussen verspreid over heel de Filipijnse archipel. In 1973 werd het Nationaal Democratisch Front van de Filipijnen (NDFP) opgericht, een koepel van ondergrondse massa-organisaties. In de jaren 1980 verzwakte de dictatuur en kon de volksbeweging boven water komen.

In 1986 leidde een volksopstand tot de val van de Marcos-dictatuur en kwam Corazon Cojuanco-Aquino aan de macht. Uiteraard waren de belangrijkste problemen van de Filipijnse maatschappij, tevens ook oorzaak van het gewapend conflict, daarmee niet opgelost. Ongelijkheid, armoede, afhankelijkheid van de Verenigde Staten, gebrek aan democratie en echte vrijheid voor de arme volksmassa's bleven bestaan.

Geschiedenis van de vredesbesprekingen

De Filipijnse regering begon vredesbesprekingen met het NDFP in 1986. Zij mislukten wegens het "Mendiola Massacre" waarbij de politie op 22 januari 1987 op betogende boeren schoot.

In december 1992 werden de vredesbesprekingen hervat. De nieuwe president Fidel Ramos, ging akkoord met "The Hague Joint Declaration", dat de agenda van de  vredesbesprekingen tussen de Filipijnse regering en het NDFP bepaalde: eerst zouden mensenrechten en internationaal humanitair recht besproken worden, daarna de sociaaleconomische hervormingen, vervolgens de politieke en grondwettelijke hervormingen en tenslotte het einde van de vijandigheden en de plaats van de strijdkrachten.

Op 24 februari 1995 werd het "Joint Agreement on Safety and Immunity Guarantees (JASIG)" getekend, een overeenkomst over veiligheids- en immuniteitswaarborgen voor onderhandelaars, adviseurs en ander personeel die besprekingen mogelijk zouden maken.[2]

De eerste inhoudelijke overeenkomst, was het Comprehensive Agreement on Respect for Human Rights and International Humanitarian Law (CARHRIHL)[3]. Deze overeenkomst bepaalt in essentie dat beide partijen de principes en normen van de internationale mensenrechten zullen naleven (intrekken van repressieve wetten) en dat de slachtoffers van de Marcos-dictatuur een schadeloosstelling kregen. [4]

Na de verdrijving van president Estrada in 2001, zette de Filipijnse regering onder president Arroyo de vredesbesprekingen verder.

Na de aanslagen op 11 september 2001 en de daaropvolgende "oorlog tegen het terrorisme" werden de CPP, het NPA door de Verenigde Staten als terroristische organisatie geklasseerd. Jose Maria Sison, de belangrijkste politiek adviseur van het NDFP werd een ‘terrorist’. De Filipijnse regering verzocht de Europese Unie om de CPP, het NPA en Jose Maria Sison op te nemen in de Europese terreurlijst.

In augustus 2004 mislukten de vredesbesprekingen. De Filipijnse regering weigerde zich te houden aan vorige overeenkomsten en maakte de hervatting van de vredesbesprekingen met het NDFP afhankelijk van een voorafgaand staakt-het-vuren voor onbepaalde duur. Het resultaat was dat gedurende het negen jaar durend presidentschap van Arroyo geen enkel akkoord werd getekend. Het regime koos voor een militaristische oplossing van het gewapend conflict, via de contra-guerrillaprogramma's Oplan Bantay Laya 1 en 2.

Tijdens het bewind van president Aquino, begin 2010, werden de formele vredesbesprekingen hervat. In augustus reeds werden ze voor onbepaalde duur uitgesteld. Ook hier waren de eis tot een voorafgaand staakt-het-vuren en de weigering om zich aan de vorige akkoorden te houden de struikelblokken. De militaristische politiek werd verdergezet. Het contra-guerrillaprogramma werd door president Aquino herdoopt tot Oplan Bayanihan.

Eerste stappen in de hervatte formele vredesbesprekingen

Het hervatten van de vredesbesprekingen was één van de verkiezingsbeloftes van president Duterte. En inderdaad, onmiddellijk na zijn verkiezing, vonden in juni 2016  voorbereidende besprekingen plaats te Oslo. Die leidden tot een akkoord om de vredesbesprekingen te herstarten volgens de voorheen reeds afgesproken procedure. Verder werd herbevestigd inhoudelijke akkoorden te bereiken over sociaaleconomische, politieke en grondwettelijke hervormingen en over het einde van de vijandigheden en de plaats van de strijdkrachten.

Kort voor de aanvang van de eerste ronde werden negentien NDFP-adviseurs vrijgelaten en kondigenden zowel de Filipijnse regering als het NDFP een tijdelijke staakt-het-vuren af. Van 22 tot 26 augustus 2016 vonden de vredesbesprekingen plaats te Oslo. Het resultaat was de herbevestiging van alle vorige getekende akkoorden en een akkoord om de personen van de JASIG-lijst opnieuw te bepalen. Er werd ook een agenda afgesproken om, binnen zes maanden, een akkoord over sociaaleconomische hervormingen af te werken en om het JMC opnieuw bijeen te roepen. Het staakt-het-vuren werd verlengd en, conform JASIG en CARHRIHL, werd er opgeroepen voor de vrijlating van de politieke gevangenen om humanitaire redenen.

De sociaaleconomische hervormingen zijn het belangrijkste onderdeel van het vredesproces. De besprekingen hierover begonnen tijdens de tweede ronde van 6 tot 9 oktober 2016. De bedoeling is om de oorzaken van het gewapend conflict aan te pakken: minder armoede, honger en ongelijkheid door land aan de boeren te geven, nationale industrialisering en milieubescherming.

Bij het begin van de besprekingen kwamen onvermijdelijk de bijna diametraal tegenovergestelde uitgangspunten van de Filipijnse regering en het NDFP naar boven. Voor de regeringsdelegatie zouden de sociaaleconomische hervormingen binnen het huidige wettelijk en grondwettelijk kader moeten plaatsvinden. Voor het NDFP daarentegen dient het huidige wettelijk en grondwettelijk kader juist fundamentele hervormd te worden om te kunnen verhelpen aan de sociaaleconomische en maatschappelijke problemen, de landhervorming en de nationale industrialisatie.

Ondanks deze sterk verschillende uitgangspunten, werden concrete resultaten bereikt. Dat blijkt uit de titels van het te onderhandelen akkoord over sociaaleconomische hervormingen:

  • gelijkheid op het platteland en ontwikkeling naar voedsel-zelfvoorziening;
  • een soevereine, zelfvoorzienende en geïndustrialiseerde nationale economie;
  • bescherming en herstel van het leefmilieu, rechtvaardige compensatie voor getroffen bevolkingsgroepen en duurzame ontwikkeling;
  • ondersteuning van sociale, economische en culturele rechten van werknemers; strijd tegen discriminatie; een leefbaar inkomen voor iedereen;
  • betaalbare, toegankelijke en kwaliteitsvolle sociale en openbare diensten;
  • soevereine buitenlandse economische politiek en handelsrelaties ter ondersteuning van landelijke ontwikkeling en nationale industrialisatie;
  • monetaire en fiscale politiek voor nationale ontwikkeling.

Donderwolken

Tijdens de tweede ronde (van 6 tot 9 oktober 2016) werd geen concrete vooruitgang geboekt over een bilateraal staakt-het-vuren. De maand daarop zouden de gesprekken hierover verdergezet worden. Maar bij het NDFP groeide de frustratie. Na de start van de vredesbesprekingen werden immers geen politieke gevangenen meer vrijgelaten, ondanks de belofte van president Duterte hieromtrent en ondanks dat het gaat om de naleving van JASIG en CAHRIHL. Het komt over alsof president Duterte politieke gevangenen als gijzelaars inzet om het NDFP tot ontwapening aan te zetten zonder dat hervormingen gerealiseerd worden.

Ook het staakt-het-vuren,  inmiddels een kleine twee maanden in voege, werd problematisch. Het Filipijns regeringsleger maakte handig gebruik van het staakt-het-vuren om zich in NPA-gebieden te begeven en paramilitaire groepen in afgelegen gebieden  in te zetten tegen inheemse bevolkingsgroepen. De CPP verklaarde dat het staakt-het-vuren onhoudbaar werd indien het regeringsleger haar operaties verder zou zetten. De vredesbesprekingen zouden ook zonder een staakt-het-vuren verdergezet kunnen worden.

In deze context ging in Rome van 19 tot 25 januari 2017 de derde ronde van de vredesbesprekingen van start. Tijdens deze ronde vonden enkele duidelijk politiek geïnspireerde moorden op boerenleiders plaats en was er een vuurgevecht na een aanval van het regeringsleger op een NPA-kamp in North Cotabato, Mindanao. De vrijlating van de politieke gevangenen werd een struikelblok en er werd geen akkoord gesloten over het staakt-het-vuren. Er werd wel een akkoord getekend over bijkomende richtlijnen voor het Joint Monitoring Comittee (JMC).

Het NPA besliste op 1 februari 2017 om haar akkoord voor het staakt-het-vuren in te trekken. Twee dagen later volgde eenzelfde beslissing van het regeringsleger. Daarop kondigde president Duterte op 5 februari 2017 het einde aan van de vredesbesprekingen en verklaarde hij de CPP-NPA-NDFP als een terroristische groep. Hij dreigde ermee de NDFP-adviseurs gevangen te nemen.

Opnieuw besprekingen

Ondanks deze opschorting van de vredesonderhandelingen vonden op 10 en 11 maart 2017 informele besprekingen plaats te Utrecht tussen de onderhandelingsdelegaties van de regering en die van het NDFP. Er werd overeengekomen dat de vierde ronde van de vredesbesprekingen in Nederland zou gehouden worden en dat, parallel, het staakt-het-vuren zou hersteld worden.

Begin april aanvaarden geen van de twee partijen een staakt-het-vuren. De NDFP-delegatie verklaarde zich akkoord het staakt-het-vuren op te nemen in de globale agenda van de vredesbesprekingen. Voor het NDFP kan een akkoord over een staakt-het-vuren pas samen met een akkoord over sociaaleconomische hervormingen ondertekend worden. Van 2 tot 8 april 2017 werden de onderhandelingen verdergezet terwijl de gevechten doorgingen.

De besprekingen over sociaaleconomische hervormingen waren moeizaam. Volgens sommigen omdat de regeringsdelegatie geen substantiële vooruitgang wenste zolang er geen akkoord was over een staakt-het-vuren. Wel werd bevestigd dat gratis verdeling van land voor de boeren het basisprincipe van landhervormingen zou zijn. Ter voorbereiding van de vijfde ronde van de vredesbesprekingen, van 27 mei tot 2 juni in Nederland, werd afgesproken om tussentijdse besprekingen te houden over landhervorming en over nationale industrialisatie.

Volksstrijd voor een rechtvaardige vrede

De hervatting van de vredesbesprekingen is al lang een eis van de Filipijnse volksbeweging zoals BAYAN en de vakbondskoepel Kilusang Mayo Uno (KMU). Sinds de verkiezing van president Duterte hielden zij meermaals protestacties om de hervatting van de vredesbespreking te eisen. Dat staat tegenover de belangen van de landheren en de handelsburgerij, die veelal haar voorrechten verbonden aan het grootgrondbezit en de ongelijke handel met de Verenigde Staten willen behouden. Er zijn ook de toenemende spanningen tussen de grootmachten, zoals de dreigende (handels)oorlog tussen de Verenigde Staten en China. Deze spanningen kunnen verdeeldheid veroorzaken binnen de Filipijnse elite. Het verloop van de vredesbesprekingen zal uiteindelijk aantonen of het Duterte-regime zich al dan niet kan losmaken van het Amerikaans imperialisme.

De volksbeweging zet haar strijd verder. Akkoorden over sociale, economische en politieke hervormingen tijdens de vredesbesprekingen kunnen bijdragen om tegemoet te komen aan de diepe verzuchtingen van het Filipijnse volk. Tegelijkertijd is waakzaamheid geboden voor tegenwerking van de Verenigde Staten en Filipijnse conservatieven.

Van 26 mei tot 2 juni 2017 zal de vijfde ronde van de formele vredesbesprekingen tussen de Filipijnse regering en het Nationaal Democratisch Front van de Filipijnen (NDFP) plaatsvinden in Nederland. Noorwegen treedt hierbij op als bemiddelaar. - UPDATE : de Filipijnse regering heeft de gesprekken opgeblazen door het afroepen van de Krijgswet in Mindanao op 23 mei 2017.

Op zaterdag 3 juni 2017 zullen een aantal NDFP-onderhandelaars aanwezig zijn voor een gesprek in het kader van de 119e "Araw Ng Kalayaan" (onafhankelijkheidsdag), om 14 uur, Zuidpark te Gent.



[1]    De CPP werd opgericht in december 1968 door Amado Guerrero. Kort daarna, in maart 1969, richtte de CPP  het New People's Army (NPA) op.

[2]    Dit JASIG gaf de onderhandelaars identificatiedocumenten om zich vrij te bewegen in, van en naar de Filipijnen. Het NDFP heeft sindsdien tientallen schendingen van het JASIG aangeklaagd, waarbij onderhandelaars en adviseurs van het NDFP werden opgepakt of ontvoerd.

[3]            Getekend tijdens het presidentschap van Joseph Estrada, op 16 maart 1998.

[4]   De overeenkomst stelt ook een Joint Monitoring Comittee (JMC) in dat zal waken over de toepassing van het CARHRIHL. Het JMC (opgericht in 2004) kwam pas in september 2016 bijeen.