Dexia verkoopt haar filiaal in Israël. Aanhouder wint


Dexia heeft haar Israëlische dochter Dexia Israël verkocht. Een overwinning voor het campagneplatform 'Israël koloniseert, Dexia financiert'. We gaan in gesprek met Mario Franssen, die mee aan de oorsprong van de campagne lag.


Wat was het probleem met Dexia Israël?

Dexia had een dochteronderneming in Israël gekocht begin jaren 2000. In 2008 hebben we ontdekt wat we al lange tijd vermoedden namelijk dat Dexia niet alleen actief was in Israël, maar ook in de bezette Palestijnse gebieden. Dexia Israël verleende kredieten aan de lokale overheden van de kolonies om de uitbreiding van de illegale nederzettingen op Palestijns grondgebied mogelijk te maken. Dat is een schending van het internationaal recht. Dexia droeg dus via haar dochteronderneming bij tot de bezetting van Palestina. Dexia Israël was voor meer dan 2/3e in handen van de Dexia groep, waardoor de directie van het hoofdkantoor in België mee verantwoordelijkheid droeg. Vandaar dat we een campagne zijn opgestart opdat Dexia haar activiteiten in de bezette Palestijnse gebieden zou stopzetten.

Waarom alleen haar activiteiten in de bezette gebieden en niet in heel Israël?

Onze eerste campagneslogan was 'Dexia uit Israël', maar vermits we een breed spectrum van organisaties wilden bereiken met de campagne hebben we gekozen om de focus te leggen op het internationaal recht en de bezette Palestijnse gebieden omdat we daar een breed front rond konden opbouwen. We wisten natuurlijk dat een bank die in Israël actief is ook banden heeft met de kolonies. De Israëlische economie is volledig verweven met de bezettingseconomie. Als we ervoor konden zorgen dat Dexia haar activiteiten zou stoppen in de bezette gebieden, dan zou ze zich ook moeten terugtrekken uit Israël.

Het heeft een paar maanden geduurd om de eisen van de campagne goed te krijgen, maar het was het waard dit goed door te spreken. Door de drempel te verlagen om met de campagne te werken kregen we enorm veel organisaties mee aan boord. Uiteindelijk waren er meer dan 80 organisaties die aansloten, er deden zelfs gemeentes mee die aandeelhouder waren van Dexia.

Toen Dexia aankondigde dat ze geen nieuwe leningen mee zou toekennen aan de kolonies, kwam er veel protest van kolonistenorganisaties. Ze riepen op om Dexia in heel Israël te boycotten. Dat maakt ook nog eens duidelijk dat voor de Israëlische economie er geen verschil is tussen Israël en de bezette Palestijns gebieden.

Het campagneplatform heeft lang op dit nieuws gewacht. Waarom heeft de verkoop zo lang geduurd?

Er zijn twee aspecten. We zijn met de campagne 5 jaar heel actief geweest. In die periode heeft de directie van Dexia verschillende keren aangekondigd dat ze alle banden zou breken met de bezetting. In 2013 bleek effectief dat ze alle banden verbroken hadden, en lieten ze onder druk van de campagne weten dat ze Dexia Israël gingen verkopen. Daar bovenop kwam er het failliet van Dexia. Europa heeft toen opgelegd om alles te ontmantelen en alle onderdelen te verkopen. Dexia Israël was een van de laatste onderdelen die nog aansleepte.

Er liep een juridische klacht in Israël zelf van de minderheidsaandeelhouders tegen de meerderheidsaandeelhouders. Dexia Israël kon niet verkocht worden zolang dit juridisch conflict niet was opgelost. Het heeft een paar jaar aangesleept. Beide partijen zijn vorig jaar overgegaan tot een minnelijke schikking. Toen kon de verkoop eindelijk plaatsvinden.

We hebben hard moeten werken voor deze overwinning, maar de aanhouder wint? Heb je enkele tips voor ons?

Inderdaad. De campagne heeft lang gelopen, maar we hebben gewonnen. Dat de verkoop zo laat is, doet niets af aan de overwinning. Het is niet evident om een campagne zo lang te voeren. We zijn de voorbereidingen eigenlijk begonnen in 2006, toen we met een werkgroep op zoek zijn gegaan naar de Belgische betrokkenheid. We hebben twee jaar gezocht om het bewijs te vinden dat we nodig hadden. In november 2008 hebben we de eerste actie gedaan. Sindsdien is het eigenlijk heel snel gegaan. In 2012 kondigde Dexia aan dat ze gingen verkopen. We hebben telkens nieuwe manieren gezocht om actie te ondernemen: postkaarten, klanten die hun rekening opzegden, deelnemen aan de algemene vergaderingen, ... Het is niet evident om een campagne zo lang gaande te houden.

Kijk naar de campagne die intal en anderen voeren voor een Lumumbaplein. Er zijn veel krachten die niet willen dat ons koloniaal verleden zo in de kijker wordt gesteld, maar de eis is goed en het is belangrijk die strijd te winnen. Mijn eerste tip is: niet afgeven! Blijven volhouden. We weten dat het nodig is, en de eis van de campagne is heel duidelijk. Mijn tweede tip: creatieve manieren vinden om de dynamiek gaande te houden. We kennen het allemaal: de groep wordt kleiner, we vallen in routine. Je moet als activist steeds nieuwe manieren bedenken om een nieuw publiek te veroveren en de campagne uit te breiden. Zonder creativiteit en doorzettingsvermogen kunnen we geen campagnes winnen. Dexia was op dat moment de grootste multinational van België. Toch hebben we hem kunnen verslaan. Dat moet de motivatie zijn om ook andere campagnes door te zetten tot de overwinning. De aanhouder wint!

Bedankt Mario.

Bekijk hier meer over de campagne.