
01-12-2008
0 comments
Trefwoorden
- Pays | Landen: DR Congo
- Thème | Thema: Soevereiniteit
Andere artikels door Tony Busselen
Congo: Back to the sixties
Dit artikel verscheen in Uitpers nr. 104.
Terwijl de oorlog woedt in Oost-Congo loont het de moeite om ook aandacht te hebben voor de geschiedenis van het land en zijn president, Joseph Kabila. Welk politiek parcours heeft hij doorgemaakt sinds hij in 2001 aan de macht kwam? Hoe heeft hij de relaties tussen zijn land en de grootmachten beheerd? En weke toekomst hebben die voor hem in petto?
In Congo heeft deze uitdrukking een zeer bittere klank. Maar het lijkt er meer en meer op dat de tweede verkiezingen die het land kende in 2006 hetzelfde lot zullen ondergaan als de eerste in 1960. De oorlog die Nkunda de voorbije maanden opnieuw lanceerde, heeft alles weg van de strategie van de Katangese secessie van de jaren 60. Net als Lumumba wordt Joseph Kabila meer en meer in het nauw geduwd. Wordt hij de derde geëxecuteerde Congolese president ?
Abbé Malu Malu is een zeer beminnelijke man. Hij leidde met groot gezag de onafhankelijke kiescommissie die de verkiezingen van 2006 in Congo mogelijk maakten. Vandaag klinkt hij bitter. Op de opmerking van John Vandaele in Mo «De internationale gemeenschap heeft kennelijk niet erg veel vertrouwen in deze regering». antwoordde hij: «Dan wordt dat dus zeer problematisch. Kijk, het Westen heeft de verkiezingen mogelijk gemaakt. Bon, dan moet je ook aanvaarden wie er gewonnen heeft. Als dat niet het geval is, organiseer dan geen verkiezingen en zet er dan meteen uw eigen pionnen.»
Karel De Gucht had al voor de verkiezingen generaal Janssen geparafraseerd. Die laatste had in 1960 gezegd tegen zijn Congolese troepen «na de verkiezingen = voor de verkiezingen». Zo ook had De Gucht al voor de verkiezingen gezegd dat deze «niets gingen oplossen». En inderdaad De Gucht kreeg gelijk. Kabila vormde tegen alle druk vanuit Washington, Parijs en vooral Brussel (waar De Gucht en Louis Michel luidop formuleerden wat men in Washington en Parijs dacht) geen regering van nationale eenheid. Hij nam geen van de voormalige rebellenleiders in zijn regering op. Hij vormde een regering op basis van een parlementaire meerderheid steunend op Gizenga de vroegere vice-premier van Patrice Lumumba en vandaag leider van de PALU (Parti Lumubiste Unifié).
Bovendien nam hij als één van zijn eerste grote maatregelen: de oprichting van een commissie voor de herziening van de mijncontracten. En het bleek dat niet één van de 60 grootste contracten gesloten met Westerse mijnbedrijven, door de beugel kon of beantwoordde aan wat de gangbare normen zijn voor zulke contracten. En vooral, klap op de vuurpijl, Kabila sloot een megacontract met China dat een ruil voorzag van een grote hoeveelheid infrastructuurwerken voor een grote hoeveelheid koper en kobalterts.
Neen, er was dus «niets opgelost» van wat het Westen opgelost wilde zien. Sinds begin van de jaren 80 zoekt het triumviraat Washington-Parijs-Brussel nu al naar een opvolging van het Mobutu-regime. Dat wil zeggen goede opzichters die niet te corrupt zijn en die de enorme Congolese rijkdommen beheren op een manier waarop er een «billijke» verdeling gebeurt tussen de Amerikaanse en Europese multinationals. En die ondertussen ook nog het Congolese volk stil kunnen houden.
En het fameuze triumviraat heeft echt al alles geprobeerd. Een strijdbare oppositiepartij van ex-Mobutisten in de jaren 80. Dan een slepende «overgang naar de democratie» tussen 1990-1996, die volledig mislukte. Dan een periode van geruzie tussen Frankrijk en Washington waarbij de ene Mobutu steunde en de andere de alliantie die hem verjoeg. Maar toen, na de val van Mobutu, Laurent Kabila zich als president ontpopte als een nationalist die niet bereid bleek de belangen van de VS blindelings te dienen, duwden de VS Rwanda en Oeganda in een aanvalsoorlog tegen Congo met het doel vader Kabila van de macht te verdrijven. Frankrijk liet zijn wrok tegen de VS varen en onderschreef de doelstellingen van deze oorlog.
Aldo Ajello, voormalig Europees gezant voor de regio van de grote meren, verklaarde op het einde van zijn mandaat aan Le Soir: «Laurent Kabila was niet sympatiek, eigenlijk wilde iedereen (lees de VS en de Europese regeringen) dat de blitz-oorlog zou lukken.» Maar de blitz-oorlog mislukt, er volgt een oorlog die vijf jaar zal aanslepen en meer dan 5 miljoen doden vergt. Uiteindelijk werd de doelstelling waar "iedereen" achter stond gerealiseerd, op cynische wijze gaat Ajello verder: «Uiteindelijk is de hand van de heilige geest gekomen en werd Laurent Kabila vermoord.» (Le Soir, 4 maart 2007)
En net als in de dagen na de moord op Lumumba riepen onze Belgische dagbladen, de dagen na de moord op Laurent kabila in januari 2001, in koor hoera! Het beest was dood en Louis Michel zei dat er nu een «window of opportunity» open ging.
"Een vers kuiken"
Aldo Ajello, de toenmalige Europese gezant voor centraal Afrika, omschrijft Joseph Kabila die in 2001 president werd, als volgt: «Ik ontmoette een vers kuiken, zeer timide, om de tien minuten sprak hij een woord. Ik voelde dat met hem de zaken gingen marcheren: hij deed wat zijn vader niet wilde doen: een charmeoffensief lanceren en afreizen naar de VS, Frankrijk en België om zonder arrogantie te pleiten voor zijn land. Hij aanvaardde een inter-Congolese dialoog, wat zijn vader geweigerd had. De finesse van deze jonge man bestond erin dat hij de politiek van zijn vader omgooide terwijl hij toch de indruk gaf ze verder te zetten.»
En inderdaad Joseph brak met de meeste voor het Westen storende elementen van zijn vaders politiek. Hij kritiseerde zelden of nooit nog het imperialisme, hij ontbond de comités du pouvoir populaire, die zijn vader als kern van de nieuw op te bouwen staatsmacht had gezien. Hij brak met de joviale volkse stijl waarin zijn vader zo goed uitblonk en die van hem een Afrikaanse Chávez avant la lettre had gemaakt. Reden waarom je tot vandaag op vele plaatsen in het land nog met veel respect en liefde onder de gewone mensen hoort praten over Mzee Kabila. (Mzee betekent "wijze man")
Neen, Joseph had het niet zo hoog op met de «ouderwetse revolutionaire stijl uit de jaren 60» van zijn vader die toch alleen maar de woede opwekte van de grootmachten. En ja hij aanvaardde zeer verregaande toegevingen en vernederingen wat een Louis Michel deed geloven dat zijn window of opportunity niet alleen maar open was maar ook ten volle benut kon worden. Joseph Kabila aanvaardde een regering waarbij de rebellenleiders, die met Rwanda en Oeganda hadden meegewerkt, een zeer belangrijke plaats kregen toebedeeld. Een president met vier vice-presidenten, nog nooit gezien in de politieke geschiedenis van de mensheid.
Maar driewerf helaas, Joseph bleef wel vasthouden aan enkele essentiële nationalistische objectieven. Bij zijn eedaflegging einde januari 2001, zei hij de eenheid van het land te willen herstellen, verkiezingen te willen organiseren om dan werk maken van een echte onafhankelijke soevereine politiek van economische heropbouw. En ondanks talrijke provocaties en stokken in de wielen, bleef de «timide jonge man», hardnekkig vasthouden aan dit programma dat uiteindelijk naar verkiezingen leidde in 2006.
"Joseph wie?"
Toen de nuchtere Karel De Gucht in 2004, Louis Michel verving als minister van Buitenlandse zaken, had die de jonge Joseph natuurlijk meteen door. Hier was nog te veel nationalistische trots aanwezig, die jongen moest zeker op zijn plaats gezet worden. En nauwelijks enkel maanden in het zadel, provoceerde De Gucht Kabila al met zijn uitspraken na zijn eerste Congo-reis. De Gucht had er geen enkele staatsman ontmoet terwijl in Rwanda er op zijn minst orde heerste, zo luidde het.
Bij een tweede reis deelde de kabinetsmedewerker van De Gucht aan de pers een biografie uit van Joseph Kabila, waarbij de extreme haatpropaganda van de partij van Kabila's rivaal Bemba, gewoon werd overgenomen. «Joseph kabila was niet de echte zoon van zijn vader, hij was eigenlijk een Rwandees» enzovoort...
Maar vooral bleef De Gucht waarschuwen voor het feit dat de verkiezingen niet alles zouden oplossen als ze de «regering van nationale eenheid» niet zou verder zetten. Met andere woorden als «na de verkiezingen niet = zou zijn aan voor de verkiezingen».
De Gucht krijgt gelijk
De munitie tegen Kabila werd onmiddellijk na de eerste bekendmaking van de Chinese contracten gereed gemaakt. In oktober 2007, nauwelijks tien maanden na de verkiezingen, publiceerde de International Crisis Group (ICG) een rapport over de situatie in Kivu. De ICG is een pro-Atlantische denktank die reeds jaren pleit voor een gezamenlijke politiek tussen de VS en Europa in allerlei crisisgebieden. In de beheerraad van deze studiegroep vinden we figuren als Zbigniew Brzezinski, Mark Eyskens, Georges Soros, Wesley Clark, Joschka Fischer en Wim Kok. Leo Tindemans is één van de raadgevers.
De hoofdstelling van het rapport luidt "de verkiezingen in Congo zijn mislukt". We lezen in het rapport : "De verkiezingen zijn uitgedraaid op een belangrijke herschikking van de macht, gebaseerd op de etnische verwantschap en demografische evenwichten." Verkiezingen zouden dus volgens de ICG enkel "gelukt zijn" moesten ze zijn uitgedraaid op een "juiste verdeling van de macht".
Net als in Palestina waar de Westerse grootmachten, de resultaten van de verkiezingen niet willen erkennen omdat ze niet akkoord zijn met de politieke partij (Hamas) waarvoor het Palestijnse volk stemde, heeft de ICG dus ook problemen met de verkiezingen in Congo.
Wat wordt verstaan onder een "juiste verdeling van de macht"? Ten tijde van de discussie over de kieswet in het Congolese parlement in 2005, reisde Europees commissaris Louis Michel speciaal naar Kinshasa, om te eisen dat er garanties zouden worden ingebouwd opdat de pro-Rwandese rebellen-organisatie, het RCD, mee in de regering zou opgenomen worden, ongeacht het resultaat van de verkiezingen. Het toenmalige Congolese parlement weigerde dit op te nemen in de kieswet. Ook Karel De Gucht eiste voor en na de verkiezingen de vorming van een regering van "nationale eenheid".
Vanwaar die eis tot een vormeloze regering van "nationale eenheid"? Congo is een groot en potentieel zeer machtig land. Door zijn strategische positie kan het bovendien ook een stempel drukken op de gebeurtenissen in heel Afrika. In Congo wil het Westen daarom enkel een hybride regering, samengesteld met voldoende verschillende krachten die tegen mekaar kunnen worden uitgespeeld en waarbinnen de verschillende grootmachten hun respectievelijke pionnen kunnen rekruteren. Verkiezingen die niet of onvoldoende tot zulk een verdeelde en manipuleerbare regering leiden, worden als "mislukt" beschouwd. Dat was zo in 1960, dat is zo vandaag.
De genadeslag voor Kabila?
Net als Patrice Lumumba en Laurent Kabila, kreeg ook deze president, eens vertegenwoordiger geworden van de soevereine Congolese staat, geen schijn van kans. Onmiddellijk na de vorming van de regering Gizenga volgden al de eerste schermutselingen tijdens de gevechten met de troepen van Bemba in de hoofdstad, terwijl de Westerse ambassadeurs zich als levend schild rond Bemba verzamelden. Vervolgens was er de opstand van de Bundia de Kongo (een fanatieke religieuspolitieke sekte die met geweld het oude Kongo-rijk terug wil herstellen). Dan weer een feitelijke weigering om de beloften van financiële steun aan het regeringsbudget na te komen, terwijl het kritieken regende op de oude "immobiele" Gizenga... En dan nu sinds augustus de oorlog van Nkunda: meer dan 250.000 extravluchtelingen talloze doden en ellende voor de gewone Congolezen.
Deze oorlog werd gelanceerd door Nkunda, die moordt, de vluchtelingen gebruikt als menselijk schild, terreur en moordpartijen organiseert tegen de ongewapende bevolking... Maar het is Kabila van wie het proces gemaakt wordt. Zijn leger werkt niet, het plundert, het verkracht. Dat van Nkunda doet dat allemaal ook, maar het doet dat op zijn minst op een gedisciplineerde manier. Amerikaanse agenten in de dirty wars schrijven op hun blog http://smallwarsjournal.com/ "they are ruthless but they are professionals". (ze zijn zonder mededogen, maar ze zijn professioneel)
Bovendien maken slechts weinig commentatoren de bedenking dat het Congolese leger het resultaat is van een "brassage", een samensmelting, van verschillende legers en militiegroepen, die door Westerse regeringsleiders, als De Gucht, werd opgelegd. Het is toch merkwaardig dat juist diezelfde politici vandaag de mond vol hebben over het Congolese leger dat het hoofdprobleem zou zijn in Kivu.
En dan kwam deze week het rapport uit van Human Rights Watch dat eigenlijk niets meer doet dan alle kritiek die een jaar lang doorsijpelde tegen Kabila, samen ballen in één rapport onder de titel "We gaan u verpletteren".Het rapport citeert feiten die te maken hebben met het gebrekkig functioneren van een staat die uit een zeer zware oorlog komt, het zet een vrij willekeurig cijfer van 500 slachtoffers voorop om Kabila sinds 2006 af te schilderen als een meedogenloze dictator. Nochtans is Josph Kabila reeds sinds 2001 aan de macht en worden er al jaren over zijn persoon kritieken geschreven in de Congolese pers, die zelfs hier in België ondenkbaar zouden zijn. Het rapport doet denken aan de kampanje die tegen vader Kabila werd gevoerd, een jaar na de bevrijding van het Mobutu-regime. Toen werd Laurent Kabila ook voorgesteld als de verantwoordelijke voor de moord op "honderdduizenden" Hutu's en ook al bleek later dat het Kagame's troepen waren die massaal Hutu-burgers hadden vermoord, nooit werd Laurent Kabila in eer hersteld, integendeel.
Alles wijst er op dat het Westen met Joseph naar de slachtbank wil. Hoe hem uiteindelijk neerhalen is nog in discussie. Het kan met een vreedzame staatsgreep of met de kogel. Misschien gaat hij zelfs ooit door de knieën. Maar in een land als Congo is alles mogelijk. De verregaande manipulaties zouden ook wel eens een averechts effect kunnen hebben, zowel bij de bevolking als bij hun leiders. Zal het "verse kuiken" nog de tijd krijgen om uit te groeien tot een forse haan en de draad terug opnemen die Lumumba, Mulele en Mzee Kabila in het verleden hebben moeten laten vallen? Hun sterke punten waren het mobiliseren van de bevolking in de politieke strijd. Het organiseren en emanciperen van de bevolking. En een duidelijk anti-imperialistisch programma. Het Congolese volk zal hoe dan ook, mét of zonder Joseph, vroeg of laat die draad terugvinden. In België en Europa moeten we alvast weigeren mee te huilen met de wolven. Het wordt tijd dat het antikoloniale gedachtegoed terug wordt afgestoft, opgefrist en toegepast op de actuele relatie tussen België en Congo.
(foto: http://www.daylife.com/photo/0aX89NJd8d6lY)
Andere inhoud
Agenda
- 14-08-2010La Tentation, Brussel20.00
- 11-09-2010Sint-Pietersplein, Gent15.00
- 12-09-201012.16
Recentste artikels
Cuba
DR Congo
Filippijnen
Latijns Amerika
Midden-Oosten
Palestina
Mensenrechten
Oorlog en Bezetting
Recht op gezondheid
Sociale gelijkheid
Soevereiniteit
Solidariteit
Zuid Partners


Delicious
Facebook
Google
Yahoo





