schrijfsels uit Ecuador - 12

Cuenca, 17 de diciembre de 2007

Goeiedag!

Veel variatie tijdens onze eerstelijnsstage. Een extra activiteit werd toegevoegd aan ons stagepakket: “wachten”. Voor onze bezoeken aan de verschillende gezondheidscentra spreken we elke dag af met een andere student, en het Ecuadoriaanse uur durft nogal eens verschillen van het conventionele. Ik heb hier overigens nog geen enkele les op tijd weten beginnen. Gelukkig wordt het wachten beloond, de bezoeken aan de verschillende centra zijn erg boeiend – dit mocht ik, oh wat een feest, daarnet ook uitleggen voor de studentencaméra-.

Het vervolg van de vaccinatiecampagne – nog steeds de straat op dus – bracht ons tot bij het echte Ecuadoriaanse leven, met zijn hoogtes en laagtes.

Hoogtes zijn de spelende kinderen – een matchke voetbal is de ideale ontspanning na een drukke stagedag-; de mooie oude mensen – werkend op het veld, keuvelend voor de kerk, op stap met de schapen -; de stoere mannen van de kippenslachterij – die stiekem toch wel bang zijn van die spuit met het griepvaccin-; de voltallige vrouwelijke bezetting van het vaccinatieteam die lopen gaat voor blaffende honden (als enige man kreeg ik de heroïsche taak toebedeeld telkens als eerste de omgeving te verkennen).

 

 
Helaas zijn er daarnaast ook heel wat laagtes… Achtergebleven vrouwen, van wie de man al enkele jaren in USA woont in de zoektocht naar werk. Het uitgesproken alcoholprobleem: reeds vroeg in de voormiddag zijn heel wat mensen niet meer in staat een goed/normaal gesprek te voeren. Armoede, alcohol, depressie en zelfmoord vormen vaak een triest kluwen. Perrofin (‘het einde van de hond’) gaat hier vlot over de toonbank. Het is bedoeld om straathonden te verdelgen, maar is helaas ook een veel gebruikt en uiterst doeltreffend suïcidemiddel. Op een op het eerste zich rustige stagedag in een afgelegen bergdorpje, werd ik onverwacht met deze harde realiteit geconfronteerd. Samen met de student (er was geen dokter aanwezig) waren we consultaties aan het doen. Enkele mensen kwamen vragen of we wilden meekomen om een overlijden vast te stellen. De vrouw, om en bij de zestig, was eerder die dag door de familie dood aangetroffen in haar slaapkamer. Ze had er zich de dag ervoor opgesloten. De omgeving drong aan op een acte van een natuurlijk overlijden, maar omdat de omstandigheden suggestief waren voor zelfmoord, moest normaal een autopsie gebeuren. De kosten van zo’n lijkschouwing moeten echter door de familie worden gedragen, en daar was geen geld voor. We hebben de verantwoordelijke dokter gecontacteerd, en die heeft het overgenomen… Ik weet niet wat er verder is gebeurd.

Voor het overige bestond ons werk deze week uit consultaties doen en voordrachten van gezondheidspreventie (de projecten van de verschillende studenten) bijwonen. We trokken naar een school voor een presentatie over seksualiteit en de rechten van de vrouw, naar het lokale kapsalon voor een presentatie over voeding, en naar een gezondheidsbeurs over allerhande thema’s.

Geen grote uitstappen om over uit te wijden deze keer, want we werken nu ook in het weekend. We hebben wel heel wat films gezien, want deze week ging het internationaal filmfestival in Cuenca door. Reuze, al was het soms wat gokken bij onze filmkeuze. Naar goede Ecuadoriaanse dook de –overigens zeer mooie- brochure met uitleg over de verschillende films pas op op de laatste dag van het festival.

We trokken ook naar de opening van een tentoonstelling in het museum voor moderne kunsten. Fantastische schilderijen, met mythische wezens, en –geheel in de sfeer van de kunstwerken- werden we door verklede dame’s en heren voorzien van schuimwijn, suikerspinnen, ijsjes en andere zoetigheden.

Ook de fysieke kant van mijn zaak kreeg deze week wat aandacht, met een zwemsessie in het olympisch zwembad (goed voor het betere Van-Ecyk gevoel, niet zó proper dus) en de voetbalmatch met de pediatrie (voor de universiteitscompetitie). In een truitje met de naam “E coli” (medisch grapje, alle spelers droegen de naam van een bacterie) trok ik ten strijde. Met zeven-nul gingen we ten onder. Ook ik had het eerreddende doelpunt niet in de voeten. Mijn voeten waren trouwens de enige die niet voorzien waren van stuts (van die tsjoepkes onderaan), waardoor mijn stijl iets weghad van ‘Holiday on ice’, met dank aan het modderige veld.

Het eind van ons Ecuadoriaanse uitje begint stillaan te naderen. Helaas! Maar ‘t is fijn geweest, en ik zal blij zijn jullie allemaal terug te zien.

Ondertussen verblijf ik met de meeste hoogachting.

Tot in den draai, (binnenkort een echte Belgische)

Abrazo,

Flor!s

No votes yet