Van Antwerpen naar Bethlehem … en terug - Profiling op z'n Israëlisch

« You go home because you’re a liar », met die scherpe verwoording werd me op 28 maart 2016 de toegang tot Israël ontzegd. Ze lieten niks aan de verbeelding over, ik was een leugenaar en dus een gevaar voor de staatsveiligheid. Nog steeds ken ik de precieze aanleiding van de weigering niet. Mijn enige misdrijf was te willen deelnemen aan de marathon van Bethlehem als sportieve uitdaging en uit solidariteit met de Palestijnen die onder het juk van de bezetting amper bewegingsvrijheid hebben. Om hun recht op beweging op te eisen wordt deze marathon de “Right to movement”-marathon genoemd. Ik werd met andere woorden geweigerd in Israël, terwijl ik eigenlijk naar Palestina wilde.

Het begon nochtans allemaal heel rooskleurig. We landden om 3u ’s nachts na een aangename vlucht met Brussels Airlines in de luchthaven van Tel Aviv. We waren verheugd want onze vlucht was niet geannuleerd na de aanslagen in Brussel van 22 maart. Aan de douane in Tel Aviv kreeg ik onmiddellijk een papiertje toegestopt met “entry permit” op, dus ik mocht het land in. Eén van mijn reisgenoten met een Arabische naam kreeg dit echter niet, maar moest een “security check” ondergaan in een klein zaaltje aan de douane. Aangezien zij geen Engels spreekt en simpelweg om haar gezelschap te houden, ben ik bij haar gebleven. Nog één andere man uit ons gezelschap werd aan deze veiligheidscheck onderworpen. Hij had als dokter voor een NGO een aanvraag ingediend om naar Gaza te gaan. Na een uur was het voor hem beklonken en mocht hij door. Ondertussen hielp ik Fatima (fictieve naam) op enkele simpele vraagjes te antwoorden als “waar komen je ouders vandaan?”, “wat gaan jullie in Palestina doen?”, “hoe kennen jullie elkaar?”. Deze gesprekken verliepen zeer gemoedelijk en we waren ons dan ook van geen kwaad bewust. Na een tijdje namen ze Fatima apart en toen zij buitenkwam, was de ernst van de zaak duidelijk. Ze keek zeer bedroefd en zei me dat het mijn beurt was. Blijkbaar hadden ze op haar telefoon een “compromitterende” foto van mij gevonden. Op de foto droeg ik een T-shirt met het opschrift Palestine. Toen gingen de poppen aan het dansen.

Ze stelden me vragen over mijn vorige Palestina reis. In 2012 had ik namelijk de West Bank bezocht. Ze vroegen of ik vaak naar betogingen ga. Ik gaf toe dat ik in België wel actief ben. Dan begon de toon te veranderen. De “good cop” werd een “bad cop” en begon veronderstellingen te maken, of liever te roepen. Het was toen al 6-7u ’s morgens en ik was enorm vermoeid. De tranen begonnen te vloeien, niet uit angst maar uit frustratie. Ik denk dat mijn ondervrager zich daarom gesterkt voelde in zijn opvoering en hij begon nog wat harder te roepen. Hij insinueerde dat ik ook in Israël/Palestina had betoogd en al had meegelopen in de marathon van Bethlehem. Toen ik wilde inpikken, riep hij dat ik hem niet mocht onderbreken. Vervolgens zei hij dat ik maar naar buiten moest en terug mocht komen, als ik klaar was om de waarheid te vertellen. Dan heb ik even met Fatima overlegd die ook niet wist hoe we dit het best konden aanpakken. Ondertussen hadden ze onze telefoons in beslag genomen en waren ze hoogstwaarschijnlijk onze e-mailadressen en Facebook accounts aan het doorzoeken. Uiteindelijk ben ik terug naar de verhoorkamer gegaan om nog enkele details “op te biechten" hopend op een positief antwoord. Niet dat ik dingen had verzwegen, maar in hun ogen toonde ik op die manier misschien mijn bereidheid tot medewerking. Heel naïef natuurlijk, want achteraf gezien is dat precies het gevoel dat ze wilden creëren.

Zo ging het er aan toe tot ongeveer 10u ’s morgens toen onze ondervragers eindelijk met het verdict kwamen. Wat bleek? Fatima mocht binnen en ik niet want ik was een “leugenaar”. De frustratie maakte gelukkig plaats voor opluchting. Eindelijk kwam er een einde aan deze nachtmerrie. Ik wist toen natuurlijk nog niet wat me nog te wachten stond. Gelukkig had mijn familie in België reeds contact gehad met de Belgische consul in Tel Aviv die de zaak zeer ernstig nam. Ik werd dan gescheiden van Fatima, aan een urenlange veiligheidscheck onderworpen en uiteindelijk om 14u naar het detentiecentrum gebracht. Na lang aandringen vertelden ze me dat mijn vlucht om 5u ’s nachts zou vertrekken. Dat betekende natuurlijk dat ik nog meer dan 14u in dat centrum zou moeten verblijven. Geen probleem volgens de vrouwen in de luchthaven, want dat centrum is meer een soort van minihotel waar ik rustig zou kunnen douchen en eindelijk wat zou kunnen eten.

Dat laatste bleek niet helemaal te kloppen. Ik werd in een kamertje opgesloten samen met nog zo’n 10 andere, voornamelijk Filipijnse en Russische, vrouwen. De bewakers waren ons duidelijk niet genegen want communicatie gebeurde met één woord en daar moesten we het mee doen: “Zit, kom, sta, zwijg”. Na vijf uur zonder pauze of eten begonnen vooral de Filipijnse vrouwen te morren, in de gevangenis kregen ze elke 2 uur een pauze. Een pauze betekende dan vijf minuten wat naar lucht happen op de binnenplaats. Gelukkig belde de consul me en dankzij zijn tussenkomst kregen we plots wel eten en een pauze. Volgens de consul heeft België Israël al vaker aangemaand om de internationale regels te respecteren, maar blijven ze dat weigeren. Dan gaat het bijvoorbeeld over de weigering om een concrete reden van uitwijzing te geven. Ik kreeg enkel het vage “denial for state security and public safety”. Waarom ben ik dan een gevaar voor de staatsveiligheid en waarom treedt België hier niet harder tegen op?

Terwijl ik hier mijn relaas doe, moet ik steeds weer denken aan een getuigenis van Ayed Abu Eqtaish van de NGO Defense for Children International over kindgevangenen. De arrestatie en detentie van Palestijnse kinderen is namelijk wijdverspreid in de bezette gebieden. Deze kinderen worden berecht onder het militair recht en worden gemiddeld zo’n 13 dagen eenzaam opgesloten volgens een rapport van de VN (1). 3/4 wordt fysiek en psychologisch gemarteld en 97% heeft geen contact met een ouder of advocaat. Mijn ervaring vond ik best al naar, maar wat moet dat dan zijn voor een 13-jarige die geen enkel vangnet heeft, dagen in isolatie zit en daarbovenop bedreigd en geslagen wordt? Als Europeaan weet je dat je beschermd bent en dat er je waarschijnlijk niets ergs overkomt, maar deze Palestijnse kinderen worden volledig aan de grillen van hun ondervragers en bewakers overgeleverd. En niemand die aan de alarmbel trekt. 

Deze onheuse praktijken moeten we strenger veroordelen hier in Europa. De repressie is duidelijk harder geworden. Meer en meer vreedzame activisten wordt de toegang ontzegd, wat duidelijk wil zeggen dat Israël geen pottenkijkers wil. Onze leiders moeten hiertegen dringend optreden. Spijtig genoeg lijken de Europese politici deze praktijken goed te keuren door op het vlak van veiligheid en bewaking samen te werken met en zelfs financiële steun te bieden aan dit racistische Israëlische veiligheidsapparaat via Horizon2020. FlySec is één van die projecten waar de EU en Israël zullen samenwerken rond luchthavenbeveiliging. (2) Wil dit dan zeggen dat binnenkort ook hier vredelievende marathonloopsters het land niet binnen mogen?

“Het woord veiligheid rechtvaardigt alles”, om te eindigen met de alleszeggende wijze woorden van Yehuda Saul, de oprichter van Breaking the silence (3).

1)  DCI-Palestine and OMCT issue report on Israeli military detention of children

2) Oktober, 2015 - Briefing: New EU funding to Elbit - Securing apartheid in Palestine and beyond

3) April 2016, Kleine helden, Rudi Vranckx

Om de Palestijnen een hart onder de riem te steken, liep ik met Palestijnse vlag de marathon van Antwerpen.

Annie op de 10 Miles

Average: 5 (2 votes)